Een speedsuit is een dun polyurethaan of neopreen zwempak, en in die zin dus te vergelijken met een wetsuit. Omdat het (veel) dunner is dan een wetsuit, biedt het minder isolerende eigenschappen, maar geeft het nog steeds wèl enig snelheidsvoordeel bij het zwemmen.

In wedstrijden waarin wetsuits zijn toegestaan, zijn ook speedsuits toegestaan. In plaats van een wetsuit, wel te verstaan, en dus niet als extra laag.

In wedstrijden waarin wetsuits op grond van hoge watertemperatuur niet zijn toegestaan, is er enig onderscheid tussen Ironman-wedstrijden en wedstrijden onder auspiciën van de ITU. Bij Ironman wedstrijden geldt dat zwemkleding moet bestaan uit volledig textiel materaal; kleding waarin rubber-achtige materialen als polyurethaan of neopreen zijn verwerkt worden in Ironman-wedstrijden niet gezien als ‘zwemkleding’ maar als ‘wetsuit’. Dit betekent dat als bij een bepaalde wedstrijd wetsuitgebruik niet wordt toegestaan, ook speedsuits niet zijn toegestaan.

Bij wedstrijden onder auspiciën van de ITU (en daarvan afgeleid: de nationale triathlonbonden) mag in wedstrijden waarin een wetsuit niet is toegestaan een speedsuit nog steeds. MITS het speedsuit onder de wedstrijdkleding wordt gedragen, en tijdens de wedstrijd niet wordt uitgetrokken! Needless to say dat dit bepaald niet voordelig is bij het fietsen en het lopen. Daarnaast mag de zwemkleding – inclusief het speedsuit – de nek niet bedekken, moet het de armen (vanaf de schouder) volledig onbedekt laten en mogen de pijpen niet verder reiken dan de knie.